Dagboek RaphaŽl Waterschoot diverse overgenomen artikelen
Over de ontwikkeling van den onderzeer handelsblad febr 1915


Vorige pagina | Indexpagina | Volgende pagina

een onderzeeŽr. En toen nog onlangs admiraal Sir Percy Scott in het bekende artikel in de Times schreef, dat de onderzeeŽr het slagschip van de zee zal doen verdwijnen, evenals de automobiel het paard verjaagd, bleek opnieuw hoe groot het aantal voorstanders en het aantal tegenstanders van dit oorlogsvaartuig is en hoezeer de meningen der deskundigen uiteenloopen.
Zooals wij reeds zegden, was de eerste onderzeeŽr in Frankrijk de Gymnote die met de Gustave Zťde, de Morse en de Narval in 1900 de eerste flottielje in Frankrijk vormde. Sinds dat oogenblik hebben de verschillende marines ongeveer een 300 onderzeeŽrs gebouwd of op stapel gezet. Wel een bewijs dat men met den bouw van dit type steeds voort is gegaan.
Nadat men eerst den onderzeeŽr beschouwd had, als een verdedigingsmiddel voor havens of reeden, werd hoe langer hoe meer waarde gehecht aan onderzeeŽrs die offensief konden optreden vandaar grooter tonneninhoud , meer snelheid, meer zeewaardigheid en grootere actie-feer.
Men wilde booten van 1200 ton (het eerste Amerikaansche type Holland had pl.m 120 ton), en snelheden van 22 a 23 knoopen aan de oppervlakte en 15 onder water (bij de Holland resp 8 en 8,5 knoopen).
Sommige deskundigen beschouwden booten, die 25 knoopen loopen, als de onderzeeŽrs van de toekomst; zij konden dan jacht maken op slagschepen en kruisers of er aan ontsnappen.
Zoover is het echter nog niet gekomen, wel zijn, zoolas wij reeds zegden, tonneninhoud, snelheid en actie sfeer steeds vermeerderd en zouden de eerste Gymnote of Holland een treurig figuur maken naast de nieuwe Duitsche U-Booten of de Engelsche E en F klasse, die tochten kunenn ondernemen, waaraan vroeger niet gedacht werd.

Ziehier eenige cyfers, die de ontwikkeling van den onderzeeŽr duidelijk maken.
Zij zijn ontleend aan het "Taschenbuch der Kriegsflotten 1914-1915 en het Naval Pocketbook 1914   link link 

Engeland - De eerste A-booten dateerenden uit de jaren 1904 en 1905 hadden een waterverplaatsing van 180/207 ton. De snelheid boven water was 11, onder water 8 knoopen. Zij konden 400 mijlen met een snelheid van 11 knoopen afleggen, en hadden twee lanceerbuizen van 45 centiemeter.
De B - en C- booten waren al iets grooter (280 -318 ton) en de snelheid aan de oppervlakte een paar knoopen meer, terwijl de actie-feer 950 mijlen met 12,5 knoopen werd.
De D-booten (1908-1910) waren 550-630 ton groot. De snelheid boven en onder water was respectievelijk 14 en 10 knoopen.